IV.c.08.bx P&ID - iTec
Hydraulisch principe Een centraal buffervat vormt het hart van de installatie. Het dient als hydraulische ontkoppeling én verdeelpunt voor twee gescheiden afgiftecircuits: vloerverwarming en ventilo-convectoren. De warmtepomp houdt het vat op temperatuur, waarna twee secundaire pompgroepen het water verdelen.
Verwarming (Winter)
Vloerverwarming: Een motorisch gemengde pompgroep doseert bufferwater bij het retourwater. Zo volgt de aanvoertemperatuur exact de weersafhankelijke stooklijn.
Ventilo-convectoren: Een ongemengde pompgroep stuurt het water rechtstreeks op de hogere buffertemperatuur naar de toestellen voor een snelle opwarming.
Koeling (Zomer)
Milde koeling (18 °C): Bij standaard koeling koelt de warmtepomp de buffer tot 18 °C. De menggroep houdt de vloer op deze veilige, condensvrije temperatuur, terwijl de convectoren zorgen voor een lichte topkoeling.
Diepkoelen (12 °C): Zijn de buffer en leidingen dampdicht geïsoleerd en hebben de convectoren een condensafvoer? Dan kan de warmtepomp koelen tot 12 °C. De convectoren krijgen dit koude water rechtstreeks voor een hoog koelvermogen en ontvochtiging. De menggroep begrenst de vloeraanvoer gelijktijdig op 18 °C om condens op de vloer te voorkomen.